De schoonheid van oude jazz.

Jazz is een universele taal. En een heel ingenieuze taal. Als je b.v. drie kenners van die taal bij elkaar zet, dan kunnen ze de prachtigste muziek maken, zonder elkaar te kennen of vooraf te hebben gerepeteerd. En dat is muziek van het moment, als je dezelfde drie mensen 2 jaar later weer bij elkaar zet, dan onstaat er weer prachtige muziek, maar wel weer heel andere dan de eerste keer dat ze met elkaar speelden.

Bert Brandsma heeft een interessant muzieklevensverhaal. De laatste jaren opererend in heel Europa, o.a. met het Chris Barber Orchestra. Chris Barber was N.B. één van de redenen voor Bert om saxofoon te gaan spelen. Bert was een studiegenoot van mij op het Prins Claus Conservatorium begin jaren 90 vorige eeuw. Bert zat in een andere muziekscene dan ik, dus we speelden met elkaar, maar niet heel frequent. Hij speelde vooral oude jazz, en dixielandmuziek. En werd daarin een heel grote.

Mijn muziek oriëntatie was meer vanaf de Bebop, maar ik was me zeer bewust van het feit dat de wortels van de muziek die mij inspireerde, uit de oude jazz kwam. Ik speelde natuurlijk wel eens oude jazz, en hoewel het niet mijn stijl was merkte ik aan alles de grote overeenkomsten tussen die muziek, en de muziek die ik bestudeerde. De overeenkomsten zitten niet alleen in de harmonie, maar ook heel erg toch in de timing en de rol en sound van de contrabas. Natuurlijk speel je anders ook qua time, maar toch begreep ik de taal helemaal. En ik genoot ervan.

De laatste tijd speel ik weer wat meer met Bert, en we herkennen elkaars passie. Een gemeenschappelijke passie voor muzikale vrijheid, sound, swing. Het leuke van oude jazz is voor mij ook, het andere repertoire van de oude helden. Dat is verschillend van mijn repertoire. Regelmatig speel ik met een jazztrio uren jazzmuziek, helemaal uit het hoofd. Het moet raar lopen als ik inval bij een jazzband, en ze spelen een lied dat ik niet ken.

Met oude jazz is dat anders. Niet alleen de vorm benadering van muziek uit de jaren 20 en 30 is heel anders, (en soms verwarrend) ook de liedjes en belangrijker nog, de harmonische progressies zijn soms echt nieuw. Dat betekent dat ik mijn harmonische intuïtie uitbreid met het spelen van oude jazz. En dat is een oprechte verrijking. Daar geniet ik van. Goed voor mijn harmonische diepgang, en dat neem ik weer mee naar de modernere jazz. Zowel als bassist, maar ook als componist/arrangeur.

Gister speelde ik met de band van Bert, met o.a. drummer Erik Ineke. Erik is een fenomeen in de swingmuziek. Hij tourde met vele internationale grootheden zoals Dexter Gorden en Ben Webster. Over universele taal gesproken. Wat een heerlijke timing en groove. Dan klinkt mijn bas nog mooier. Genoten.